Adres: Baljuwplein 1, 2225 BR Katwijk aan Zee

Wie zijn we

Vredeskerk monument

In het voorjaar van 2010 adviseerde de Monumentencommissie van de gemeente Katwijk het College van B&W om de Vredeskerk aan de Voorstraat aan te merken als gemeentelijk monument. De argumentatie was dat het gebouw “zeer karakteristiek en voldoende gaaf was om als gemeentelijk monument bescherming te krijgen”. Het College van B&W van Katwijk besloot echter om de Vredeskerk toch niet aan te merken als gemeentelijk monument. In de raadscommissie werd dit voorstel echter niet omarmd. Tegen het besluit werd door de Stichting Leefbaar Katwijk en het Cuypersgenootschap formeel bezwaar aangetekend. Uiteindelijk adviseerde de bezwarencommissie de beide ontvangen bezwaren ontvankelijk en tevens gegrond te verklaren en om tenslotte de motivering van het eerdere raadsbesluit van 22 juni 2010 aan te vullen. Na uitgebreide discussie, waaraan ook de Stichting Leefbaar Katwijk en het Cuypersgenootschap deelnamen, besloot het College een aanvullend advies van het Erfgoedhuis Zuid-Holland in te winnen om als onafhankelijke derde partij de monumentwaardigheid van de Vredeskerk te beoordelen. De contra-expertise door het Erfgoedhuis Zuid-Holland leidde tot de conclusie dat de Vredeskerk wel degelijk een grote cultuurhistorische waarde heeft om op de gemeentelijke monumentenlijst te plaatsen. Dat is dan ook gebeurd.

De Vredeskerk, ontworpen door regionaal bekende architect H.J. Jesse en gebouwd in 1905, is een gaaf voorbeeld van een gereformeerd kerkgebouw, gebaseerd op centraalbouw, een vorm die later ook elders (Zeeland) werd toegepast. De kerk heeft architectuurhistorische waarde vanwege de in- en uitwendige gaaf behouden hoofdstructuur en het traditioneel toegepaste materiaalgebruik. Het kerkgebouw heeft bovendien een typologische waarde als lokaal voorbeeld van het ‘traditionalisme’, een stroming in de architectuur die eind 19e eeuw opkwam.

De bouwstijl is herkenbaar traditionalistisch. Ondanks het feit dat de Vredeskerk geen toren heeft, manifesteert de kerk zich, door afwezigheid van omringende bebouwing nadrukkelijk in zijn directe omgeving. Het is zeer karakteristiek en straatbeeld bepalend.
Het samengestelde T-vormige zadeldak met wolfseinden is gedekt met tuile-du-nordpannen en verkeert nagenoeg in originele staat. De nok is getooid met pirons, op ieder uiteinde één. De kerk valt vanuit het zuidwesten op door zijn hoog oprijzende, grote roodoranje gekleurde overstekende dakvlakken, binnen een voornamelijk lagere bebouwingscontour. De kerk heeft verder een T-vormige plattegrond, waarbij in de zuidwest oksel een ingangspartij is gelegen. Door zijn plattegrond heeft de Vredeskerk ook een ruimtelijk indrukwekkend interieur.
De entree in de zuidwestgevel is verbijzonderd met gemetselde penanten die vanuit het muurwerk in een boog de hoek diagonaal overspant. De boog wordt met een gootlijst afgesloten.

De hoog opgaande topgevels aan de noord-, west- en zuidzijde zijn op drie niveaus met enkele en samengestelde twee-, drie- en vijflichtsvensters ingedeeld. De vensterindeling van de topgevels is nagenoeg identiek. In de eerste bouwlaag (begane grond) zijn twee drielichtsvensters met rechthoekige ramen en gemetselde stijlen. In de tweede (gevel) laag wordt de hiervoor genoemde indeling gehandhaafd, alleen de vensters hebben een rondboogvormige afsluiting en zijn langer (met uitzondering van de vensters van het trapportaal). Het vijflichtsvenster in de derde gevellaag bevindt zich vlak onder de gootlijst. De ramen zijn korter en hebben ook hier een rondboogvormige afsluiting.

Tegen de blinde oostgevel is in 1931 het verenigingsgebouw ‘Irene’ neergezet ten behoeve van de verschillende activiteiten van de kerk. In 1954 werd een ingrijpende vernieuwing en verandering gerealiseerd. Door de realisatie van een nieuw zalencomplex annex kosterswoning werd de noodgevel grotendeels aan het zicht onttrokken door de aanhechting met de nieuwe kosterswoning. Na de veranderingen uit 1954 is de ruimtelijke situatie op het erf niet meer structureel veranderd.
Bij de meest recente renovatie in 2012-2013 zijn alle bestaande bijgebouwen gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Het complex omvat nu een grote ontvangstzaal, een consistorie, een rouwkamer, een kantoor voor het kerkelijk bureau enz. In de loop van de tijd is het erf steeds meer versteend door bestrating en heeft thans de functie van plein, dat beperkt openbaar toegankelijk is.

Interieur

In de kerkzaal is de kapconstructie zichtbaar gebleven. Deze is samengesteld uit negen grote rondboogvormige korbelen die de zaal overspannen. De aanzet van de korbelen was verbijzonderd met een voet van rode baksteentjes die rond zijn afgeslepen. Oorspronkelijk was ook het onbewerkte dakbeschot zichtbaar. Boven de korbelen zijn de vlieringen zichtbaar, waarboven nog een nokruimte zit.

De capaciteit van de kerkzaal werd in 1919 uitgebreid door er drie balkons in te plaatsen. Hoewel de balkons er niet vanaf het begin in hebben gezeten, heeft de architect er rekening mee gehouden dat ze op enig moment geplaatst zouden worden. De portalen met de trappartijen en de verdiepingsdeur naar het balkon waren al ontworpen en uitgevoerd.  In 1977 zijn de balkons weer weggehaald, waardoor er weer onbelemmerd zicht kwam op de raampartijen in de zuid- en westgevel. Op het enige overgebleven balkon werd het Bätzorgel geplaatst. Bij de recente renovatie zijn de balkons weer teruggeplaatst. De oude bouwtekeningen en dezelfde materialen en kleuren zijn gebruikt bij de nieuwbouw, waardoor de huidige situatie weer sterk overeen komt met de situatie van voor 1977. Het Bätzorgel heeft weer dezelfde plaats gekregen, namelijk op het balkon aan de noordzijde.

©2018 Vredeskerk katwijk - Privacyverklaring - Cookieverklaring - Proclaimer
Webontwikkeling: 2nd Chapter BV