Overdenking 2026 KC17 - Leer ons bidden!
Via Marktplaats heb ik een tijdje geleden een oude gebedsstoel op de kop getikt, in de hoop deze een tweede kans te geven. Een oude stoel, een gebedshouding, een lege ruimte en een specifiek tijdstip zijn structuren die mij helpen om te bidden.
Maar nu ga ik even van de gebedsstoel naar de biechtstoel, want de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik best vaak moeite ervaar om te bidden. Het is niet zozeer dat ik er geen tijd voor kan vinden of me niet kan concentreren. Het zit hem vooral in de ervaring dat het gebed bij mij zo vaak geen nut lijkt te hebben, omdat deze niet het beoogde effect heeft of niet de uitwerking die ik had gehoopt. Ik kan dan al snel denken: heeft het eigenlijk wel zin om te bidden? Herkenbaar?
Het valt je wellicht al op: in de woorden die ik gebruik - nut, effect, uitwerking - benader ik het gebed op een heel transactionele manier. Alsof ik een muntje in een automaat gooi en er vervolgens een Snicker uit rolt. Want voor wat hoort wat; het is tenslotte geven en nemen. Benader ik het gebed niet te vaak op een transactionele manier? Alsof ik bij mijn voorbede als met een boodschappenlijstje bij God kom, in de hoop dat Hij al mijn wensen vervult.
Geen zorgen, ik zet het wat scherper neer dan het in werkelijkheid is, maar toch zit er wel een kern van waarheid in. En dat is niet zo gek in een tijd waarin alles wat van waarde is, lijkt te draaien om nut, winst en efficiëntie. Ook in ons leven met God vervallen we al snel in transactioneel taal en economisch denken.
Maar hoe kun je dan wél bidden? Er zijn twee gedachten die bij mij opkwamen en die ik graag met jullie wil delen.
Allereerst: de beloning van het gebed tot God is God Zelf.
In het gebed zijn we niet in de eerste plaats op zoek naar een oplossing of een uitweg, naar genezing of gebedsverhoring. In de eerste plaats zoeken we Zijn nabijheid. Het gebed brengt ons in Zijn liefdevolle aanwezigheid. Al het andere is bijzaak, hoe nodig en belangrijk die dingen ook kunnen zijn.
Daarnaast gaat het gebed nooit buiten onszelf om. Heel ons wezen, ons denken en doen, ons hoofd, hart en onze handen zijn erbij betrokken. Ds. Kees van Ekris zei het ergens zo mooi: ‘Het gebed heeft in ons een ontgiftende werking.’ Tijdens het bidden word ik mij bewust van het gif van de zonde in mij: van de woede, de bitterheid en de vuile taal die in mij schuilgaan en in mijn denken woekeren. In de aanwezigheid van God word ik mij bewust van mijn fouten en van wat ik heb nagelaten. Het gebed houdt mij een spiegel voor, werkt als tegengif en maakt mij leeg voor Gods liefdevolle aanwezigheid.
Het gebed gaat dus niet buiten onszelf om. Want als we bidden, leert God ons ook een andere manier van leven, met een andere hartsgesteldheid: een hart dat op Hemzelf gericht is. Zo vormt het gebed ons.
Nou, dit zijn zomaar wat overwegingen over het gebed. Wellicht helpen ze je verder. Mij in ieder geval wel.
Ik heb genoeg opgebiecht. Laat ik nu snel weer van de biechtstoel naar de gebedsstoel gaan!
Ds. Pieter
